Woord van de maand

Blijf in Mijn liefde

November 2001

God is de oerbron van de liefde en van het leven. Hoewel de naar Zijn beeld geschapen mensheid zich steeds meer verstrikte in de zonde en daarmee de verwijdering van God tot in het onmetelijke groeide, onttrok Hij hen niet aan Zijn liefde: Hij gaf Zijn eniggeboren Zoon, opdat "allen die in Hem geloven niet verloren gaan, maar het eeuwige leven hebben." (vgl. Johannes 3:16). Uit liefde voor Zijn vader en uit liefde voor de gevallen mensheid is Jezus Christus mens geworden en heeft Zijn offer gebracht. Hoe omvattend Zijn liefde is, maakte Hij duidelijk in de belofte: "Gelijk de Vader Mij liefheeft, zo heb Ik u ook lief." (vgl. Johannes 15:9).

Is er een groter liefdeblijk te geven dan de zondeloze dood aan het kruis voor de redding van de mensen?

Wij zijn Zijn liefde waardig wanneer wij Hem ook liefhebben. Daartoe spoorde de Heer op een duidelijke wijze aan: "Blijf in Mijn liefde." Apostel Johannes schrijft: "God is Liefde, en wie in de liefde blijft, die blijft in God, en God in hem." (vgl. 1 Johannes 4:16). Laten wij blijven in de gemeenschap aan het altaar waar Gods Geest werkt, laten wij blijven in de avondmaalsgemeenschap, waarin het lichaam en bloed van Jezus ons worden aangereikt, laten wij in de gemeenschap van de liefde onder elkander blijven. "Laat ons Hem liefhebben, want Hij heeft ons als eerste liefgehad", maant Apostel Johannes ons verder en verklaart helder en duidelijk wat hij daarmee bedoelt: "Indien iemand zegt: ik heb God lief, en zijn broeder haat, hij is een leugenaar; want wie zijn broeder niet lief heeft, die hij ziet, hoe kan hij God liefhebben die hij niet ziet." (1 Johannes 4:19-20).

In zijn eerste brief aan de Korinthiërs houdt Apostel Paulus zich ook bezig met de liefde (vgl. 1 Korinthiërs 13) en bedoelt daarmee de hoogste en meest pure vorm: de liefde die uit God afkomstig is. Hoe verheugt het ons om te weten dat deze liefde lankmoedig en vriendelijk is. Laten wij die ons nog vaak ongeduldig en korzelig gedragen, daarvan leren. Verder staat er te lezen: "....zij handelt niet onvoegzaam", zij doet een ander geen pijn in de gevoelens. Ook voor wat betreft onze omgang met broeders en zusters is het nodig aan onszelf te werken. En wanneer Gods liefde ook is: "...zij zoekt niet het hare", dan betekent dat voor ons dat wij niet de eigen persoon, maar de liefde tot God en Zijn werk op de eerste plaats moeten zetten. In zijn omschrijving van de liefde zegt Apostel Paulus nog het volgende: ".... zij laat zich niet verbitteren." Menigeen werd verbitterd omdat de liefde afnam.

Wie zich laat verbitteren, die sluit zich af voor het woord van God, het gebedsleven slaapt in en de offervreugde verdwijnt. Wanneer wij in de ware liefde blijven, dan kan het niet gebeuren dat wij een dergelijke ontwikkeling doormaken.

En nog iets groots maakt de liefde mogelijk: "zij rekent het kwade niet toe." Alleen door haar is het mogelijk om te vergeven en tot verzoening bereid te zijn.

De Heer Jezus ging ons in deze liefde voor, Hij maakte het zelfs mogelijk dat wij ook deze liefde kunnen openbaren. Want door de Heilige Geest is de Gods liefde in onze harten uitgestort. Wanneer wij de Heilige Geest de ruimte geven, dan kunnen wij in de liefde blijven en ons die eigenschappen aanleren die de Heer van de inwoners van de nieuwe hemel en nieuwe aarde verwacht.

(Uit een dienst van de Stamapostel)

 

Woord van de maand

Taal

(Juli 2019) De taal zegt veel over iemand. De manier waarop hij praat, de woorden die hij gebruikt, de manier... [meer...]