Woord van de maand

De Heer keert bij ons in

September 2000

In iedere dienst doet de Heer Jezus Zijn intrede in de harten van gelovige kinderen Gods. Hij komt als Helper, als Rechtvaardige, als een zegevierende Redder. De profeet Zacharias heeft Hem al lang voor de geboorte van Jezus beschreven: "Zie, uw koning komt tot u, een rechtvaardige en een helper." (vgl. Zacharia 9:9).

Laten we daarom onze harten wijd voor Hem openen, want wanneer de Zoon Gods bij ons Zijn intrede doet, dan neemt hij iets mee wat tot onze voleinding dient.

Allereerst verwekt de Heer met Zijn woord een kracht die het geloof verlevendigt en het mogelijk maakt om naar de wil Gods te handelen. Voorwaarde daarvoor is echter dat de Heer kan intrekken en werken kan. Menig samenloop van omstandigheden en toelatingen Gods dienen ertoe om ons hart op het ingaan van de Heer voor te bereiden.

De Heer keert ook met Zijn genade bij ons in en bewerkstelligt daardoor onze verlossing. Wat kunnen wij dan doen om ook maar een zonde ongedaan te maken? Niets! Hoe groots en vol van diepe betekenis is het daarom dat de Heer ons steeds weer genade schenkt en verzoening aanbiedt. Laten we ons daarom niet afsluiten van deze daad van goedheid en barmhartigheid: laten we de Heer een vreugdevolle begroeting geven!

Hij brengt met Zijn intrede ook vrede mee, want Hij is de Vredevorst. Hoe vaak wordt deze zielenvrede in het dagelijkse leven verstoord. We hebben ons geërgerd, we moesten ongerechtigheid ondergaan of zijn bezweken voor de aanvechtingen van het kwade; hoe snel kan de vrede verdwenen zijn. Daarom is het zo mooi om deze vrede terug te krijgen wanneer de Heer opnieuw in ons hart Zijn intrede doet.

Er is nog iets wat de Heer meebrengt: vreugde! Al in het dagelijkse leven wordt de ziel gelukkig gemaakt wanneer men zich verblijden kan, bijvoorbeeld door een vrolijk lied, een vriendelijk woord of het feit dat de zon schijnt en de bloemen bloeien. Er zijn wel duizend dingen waarover men zich kan verheugen. Helaas vergeet men dat vaak doordat er alleen maar zorgen, moeilijkheden en beproevingen zijn. De Apostel Paulus schrijft in zijn brief aan de Filippiërs: "Ik verblijd mij". Belangrijk is het echter om het volgende toe te kunnen voegen:

"Ik zal mij ook verblijden" (vgl. Filippiërs 1:18). Hangt het niet van onze wil af of wij vreugde beleven wanneer de Heer als Overbrenger van nieuwe vreugde komt?

De Heer komt ons ook tegemoet als een Gever van zegen. Wie zou er zonder de zegen van God willen zijn? Hoe dankbaar zijn wij wanneer Hij ons dagelijks brood, ja onze tijd op aarde zegent. Hoe betekenisvoller is de zegen waneer men in het geloof behouden blijft, de kracht bezit om trouw te zijn en na te volgen tot aan het einde. Laten wij ons geheel voor Hem openen wanneer de Heer wil zegenen!

Daarom zullen wij in het gebed niet nalaten om te zeggen: "Heer Jezus, keer bij ons in!" Hij brengt ons zo veel; laten wij vasthouden aan de genadegaven. Wanneer wij ze bezitten, dan zijn wij rijk in Hem!

Met hartelijke groeten,<br/> Uw

Richard Fehr