Woord van de maand

Vergeet de Heer niet!

Juni 2000

Wanneer het iemand goed gaat, dan vergeet hij vaak de oorzaken van de voorspoed. Omdat hij in geluk en succes zwemt, denkt hij er niet meer aan dat alles afhankelijk is van Gods zegen. Maar ook in uren van droefenis en leed, als er nauwelijks nog een vonkje hoop is, vergeet menigeen wat voor groots God aan hem heeft gedaan. En wie in de hitte van deze dagen van de ene afspraak naar de andere jaagt en nauwelijks meer tijd vindt om te ademen, vergeet te licht het belangrijkste in het leven: met de zaligheid van de ziel bezig te zijn. En wanneer men zich verveelt en niet weet wat met de lieve, lange dag te beginnen, dan gebeurt het helaas eveneens dat men vergeet waarom wij op aarde zijn en welk doel wij hebben.

Daarom geldt des te nadrukkelijker voor het volk des Heren aan de avond van de kerk van Christus de vermaning van de Hoogste, die Hij het volk van Israël in het hart legde en die meerdere malen in de Heilige Schrift is te vinden: "Vergeet de Heer niet!" (bijv. Deuteronomium 6:12 of Jesaja 44:21). Of men op de hoogte van het succes voortgaat of door het diepe dal wordt gevoerd - in alle levensomstandigheden zouden wij ons het woord uit de Psalmen moeten herinneren: "De Heer heeft grote dingen aan ons gedaan!" (vgl. 126:3). Hij heeft ons uitverkoren, ons binnengeleid in Zijn werk, gezegend, bewaard en geholpen toen er behoefte aan hulp was; Hij geeft ons vrede en schenkt vreugde, die geen geest van deze tijd roven kan. Dat moeten we niet vergeten!

Oneindig groot is het wat God ons tot nu toe persoonlijk ten deel heeft laten vallen: het wonder van onze uitverkiezing. Het is een geheim van God, waarvan we de grootte pas echt kunnen beseffen wanneer we het doel van ons geloof, de eeuwige gemeenschap met God en Zijn Zoon, hebben bereikt. Tot dat moment ontvangen wij steeds opnieuw woord en genade. Het woord sterkt en troost, richt op, maakt dat wij bereid worden ons te verzoenen en wijst de weg naar de heerlijkheid. De genade, door het offer van Jezus, maakt ons vrij van de aanspraak van de boze doordat ons onze zonden worden vergeven; zij geeft ons de gemeenschap met Gods Zoon in het Heilig Avondmaal en laat ons door het genieten van het lichaam en bloed van Jezus steeds meer groeien in het wezen van Christus.

"Vergeet de Heer niet!", daartoe worden wij gemaand. Laten wij er altijd aan denken hoeveel groots Hij in Zijn zorgzame liefde altijd weer voor ons doet.

Met hartelijke groeten,<br/> UwRichard Fehr