Woord van de maand

De naamloze bode

Juni 2015

Naäman, een kapitein, en vermoedelijk de bevelhebber over de strijdkrachten van de koning van Aram, had een huidziekte en leed daaronder. Via zijn Israëlische slavin hoort hij toevallig over de profeet Elisa die hem zou kunnen genezen. Na enkele misverstanden komt Naäman eindelijk bij het juiste adres. Met een groot gevolg – met rossen en wagens – stopt hij bij de deur van het huis van Elisa. Vol verwachting kijkt Naäman vanaf de koets naar de ingang van het huis waar hij ieder moment de profeet verwacht die hem, de beroemde en gevreesde generaal, een dienst zal bewijzen. Maar Elisa komt niet tevoorschijn. Een dienaar van de profeet komt uit het huis, gaat naar de wagen van Naäman en vertelt hem wat hij moet doen om gezond te worden.

Deze dienaar is zo onbelangrijk dat de Bijbel niet eens zijn naam noemt. Hij is slechts de brenger van de boodschap, anders niets. Een naamloze bode.

Jezus Christus wil de mensen het heil schenken, en hen van de zonde verlossen. Daarvoor heeft Hij zijn boden gezonden, de apostelen. De persoon die het ambt draagt is niet belangrijk – belangrijk is de boodschap. Het is belangrijk dat de bode in de naam en opdracht van zijn Heer komt. Belangrijk is het dat hij mij precies datgene zegt wat hem is opgedragen door Zijn zender. Belangrijk is het dat hij mij zegt wat ik in mijn omstandigheden moet doen om tot het heil te komen.

Dat is ons begrip van het ambt, en dat is ons heilig omdat het niet aan een persoon, een specifiek mens, hangt.

Impuls uit een kerkdienst van de stamapostel