Woord van de maand

Het vuur van het evangelie

November 2006

Jezus Christus heeft het „vuur van het evangelie“ aangestoken en Zijn Apostelen de opdracht gegeven om het vuur over de hele aarde te verspreiden. Dat is de reden, waarom dat vuur heden weer en nog steeds overal brandt. Waar wij dat vuur ervaren, voelen wij, dat het onze harten verwarmt. Het geeft het licht dat afstraalt op onze omgeving.

Het is het verlangen van onze hemelse Vader, dat het „vuur van het evangelie“ niet alleen op aarde verspreid wordt, maar ook in de wereld aan gene zijde. Alleen al omdat dat „vuur van het evangelie“ in ons brandt, kunnen wij een hulp zijn. Want wanneer wij de zielen aan gene zijde met warme harten aanraken, wanneer wij dus geestelijk gesproken branden, zal dit vuur overspringen en worden vele zielen in de rijken aan gene zijde door het „vuur van het evangelie“ gegrepen. Dan nemen zij de uitnodiging aan om bij het altaar te komen en de sacramenten te ontvangen.

Dit vuur van het evangelie, dat in ons brandt, heeft uiteenlopende kenmerken. Nemen wij als voorbeeld uit Jezus’ tijd de hoofdman van Kapernaüm. In hem brandde het “vuur van het geloof”. Hij sprak Jezus aan, vertelde Hem over zijn zieke knecht en zei: “Heer, ik ben het niet waard dat U onder mijn dak komt, U hoeft alleen maar te spreken en mijn slaaf zal genezen.” (Matteüs 8:8) – Wij moeten onszelf eens onderzoeken of er ook in ons zo’n “geloofsvuur” brandt.

In de Heer Jezus brandde het “vuur van de liefde”. Het was Zijn diepste wens om alle mensen te helpen, want Hij hield van hen. Wanneer het goddelijke vuur ook in onze harten brandt, zal het naar de rijken aan gene zijde overspringen en de weg naar het altaar voor vele zielen verlichten en vrij maken.

Vervolgens het derde punt, dat met het tweede samenhangt: het “vuur van barmhartigheid”. Het komt tot uitdrukking in de geschiedenis van de barmhartige Samaritaan. Een man viel in handen van rovers. Hij was gewond en hulpeloos en had nauwelijks kans dat iemand hem zou helpen. Er kwam een priester langs. Deze zag de hulpeloze man, maar deed niets en ging voorbij. Daarna kwam er een Leviet, die reageerde net zo. En toen kwam de Samaritaan, en in de bijbel staat geschreven: “ …en kreeg medelijden, toen hij hem – de hulpeloze, gewonde man – zag liggen.” (Lukas 10:33). Hij was vol van medeleven, bood de man zijn hulp aan en deed alles wat nodig was, opdat de gewonde man kon worden genezen. Wanneer dit “vuur van barmhartigheid” in ons brandt, dan bidden wij voor degenen, die aan gene zijde hulpeloos zijn.

Nog een ander punt: het “vuur van de hoop”. Wij wachten op de dag des Heren. Dit vuur zou in ons niet zwakker moet worden. Als het in ons brandt, breidt het zich uit, bereikt anderen en zal een wonderbare uitwerking hebben – velen zullen dan hopen en wachten op het komen van de Heer.

Ik zou nog een laatste punt willen noemen: het “vuur van de vreugde en de geestdrift.” Een kind van God te zijn is geweldig, het is het grootste dat we heden kunnen bereiken! Dat is gelijk aan een vreugdevuur. Wanneer wij ervaren, dat de Heer ons nabij is, wanneer wij in de diensten kunnen samenkomen om Gods woord te horen – dat is vreugde! Wij zijn samen aan het altaar waar we wel een mensenwoord, maar de stem van onze hemelse Vader horen. Dat maakt ons blij. Dit vuur moet in ons branden, dan zijn we een voorbeeld voor de wereld aan gene zijde en kan dit vuur ook in deze zielen branden.

Zo moeten wij onszelf steeds weer onderzoeken of het “vuur van het evangelie” in ons brandt. 

(Uit een dienst van de Stamapostel)

Woord van de maand

De beste plaatsen

(Augustus 2019) Vergelijkende testen zijn in de nieuwsmedia immens populair en behoren tot de meest gelezen en... [meer...]